Reisperiode januari 2026

Oman, het wachten kan beginnen

Als we in de nacht van 1 op 2 januari richting Oman vliegen, wordt het licht zodra we boven Koeweit hangen. De nog net zichtbare volle maan en het eerste zonlicht maken van het uitzicht een bijzonder spektakel.
Even later verschijnen onder ons de woestijn- en berglandschappen van Oman. Alleen al daarvan gaan onze harten sneller kloppen. We hebben er zin in! In Muscat stappen we over op een binnenlandse vlucht naar Salalah, waar we later onze 4WD-camper zullen afhalen.

Na wat praktische zaken, cash en een simkaart, nemen we een taxi naar ons hotel. Het is vrijdag, rond de middag, en opvallend rustig. De mensen zijn druk met het vrijdaggebed.
Salalah maakt meteen een ruime indruk: gebouwen steevast helder wit of beige, brede wegen, veel open ruimte.
Ons hotel is modern en heeft een zwembad op het dak, met een mooi uitzicht over de stad.

Aan de overkant ligt een ultramodern winkelcentrum dat pas echt tot leven komt als de moskeeën leeglopen. Mannen in witte gewaden (dishdasha), vrouwen veelal volledig gesluierd, samen met kinderen: iedereen viert de vrijdag. Langs de vele parfumerieën en koffiehuizen lopen we richting de ballenbak. Ook McDonald’s, IKEA en allerlei andere moderne winkels zijn hier vertegenwoordigd.
In een straatje verderop wordt meer traditionele kleding en woninginrichting verkocht. We blijven even staan kijken bij een man die een nieuw hoedje (kumma) laat aanmeten. We maken een foto. Dat vindt hij kennelijk zó leuk dat hij ons meteen uitnodigt om samen koffie te drinken. Dat zal vast niet de laatste keer zijn…

Een dag later maken we te voet een verkenningstocht door de stad, richting een boulevard verderop. Het valt op dat het (zwaardere) werk hier vooral door Pakistanen, Indiërs en Bangladeshi wordt gedaan. De Omani zelf houden niet zo van vieze handen en werken veelal op kantoor of bij de overheid.
Via de brede, schone straten komen we bij het strand, waar we een stel overlanders uit Oostenrijk treffen. Even later zien we hoe vissers met een Land Cruiser visnetten uit het water trekken.

De dagen erna bestaat vooral uit wachten. En nog eens wachten. We hebben elke dag contact met de agent en sturen allerlei papieren door, maar krijgen nog steeds geen toestemming om de camper uit de haven te halen. We waren al gewaarschuwd dat dit soort dingen veel tijd kunnen kosten. We waren dus voorbereid… maar het blijft vervelend als je staat te popelen om eindelijk het land in te gaan.

Een beetje achtergrond over Oman

Oman is geen land van wolkenkrabbers. Alles voelt er rustig en in balans, terwijl modern en traditie vredig naast elkaar bestaan. De bevolking bestaat uit Omaanse Arabieren, mensen met Afrikaanse achtergronden (door de handel langs de Oost-Afrikaanse kust) en Zuid-Aziatische gemeenschappen.

Het land is bovendien enorm gevarieerd: bergen in het noorden, uitgestrekte woestijngebieden met wadi’s (groene, waterrijke delen) en lange, lege stranden langs de kustlijn. Genoeg om te ontdekken dus!

De meest voorkomende religie is het ibadisme, een gematigde stroming binnen de islam. Traditie en verdraagzaamheid zijn belangrijke elementen. Die trekken zien we al snel terug in het dagelijkse leven.

Oman is ongeveer zeven keer zo groot als Nederland. En als je bedenkt dat er nog geen vijf miljoen mensen wonen, kun je je voorstellen hoeveel ruimte er is. Het merendeel van de bevolking woont in steden langs de kust, met Muscat als hoofdstad en Salalah als tweede stad. Maar zelfs die steden zijn opvallend ruim van opzet.

In de woestijn wonen nog steeds bedoeïenen. Al leven de van oorsprong nomadische families tegenwoordig vaak in nederzettingen, met telefoons, auto’s en vaste huizen. Toch wonen ze nog altijd in afgelegen gebieden, samen met hun kamelen en geiten.

Woestijntocht

Wie aan het Midden-Oosten denkt, denkt aan woestijnen. Oneindige zandvlaktes. Omdat we avontuurlijk zijn ingesteld, besluiten we meteen maar de stoute schoenen aan te trekken. We hebben een routebeschrijving van Pistenkuh, een Duits stel. Maar hun tocht is alweer zeven jaar geleden, dus het is maar afwachten hoe up-to-date de beschrijving nog is.

De tocht kan alleen tegen de wijzers van de klok in gereden worden, omdat sommige duinen, voor onze zware overlander simpelweg te steil en te zacht zijn aan de lijzijde. Aan de loefzijde zijn ze vaak harder en minder steil. Afdalen aan de lijzijde is dan ook een stuk minder spannend. Met deze kennis in het achterhoofd weten we: eenmaal begonnen is er geen weg meer terug. Zeker niet met onze 3600 kilo zware camper.

Na voldoende water, diesel en proviand te hebben ingeslagen, beginnen we in het noorden langs de grens met Saoedi-Arabië. We rijden in de richting van Jemen om later weer terug te keren naar Salalah.

Aanvankelijk volgen we nog een geschoven gravelpad. Dit wordt gebruikt door het leger, dat hier de grens bewaakt. Maar daarna moeten we zelf het spoor gaan zoeken. We hebben een lijntje op onze navigatie dat we moeten volgen, maar zoals gezegd is dit zeven jaar oud. Inmiddels zijn duinen van plaats veranderd. Soms zien we vaag verwaaide bandensporen van andere auto’s, maar die geven vaak ook niet genoeg houvast. We hebben de bandenspanning verlaagd, de 4x4 ingeschakeld, de lage gearing en sper geactiveerd… en toch is het resultaat dat we onszelf op de eerste dag vijf keer moeten uitgraven. Gelukkig zijn we daarop voorbereid, met zandplaten en een schep.

Adrenaline wordt voortdurend afgewisseld met een hoera-stemming. Aan het einde van de dag bereiken we een fantastische overnachtingsplek met een fenomenaal uitzicht. De kleuren van de enorme duinen lijken steeds te veranderen met de stand van de zon. Na een mooie zonsondergang genieten we van duizenden sterren aan een hemel zonder lichtvervuiling.

Wakker worden in een omgeving waar niemand is, waar de stilte zo groots is, voelt voor ons als een voorrecht.
’s Ochtends beginnen we aan een klim naar de duintop. Altijd weer inspannend, maar het is het zéker waard. Spelen in het zand, naar beneden glijden… het kind in ons is volop aanwezig!

We mogen blij zijn dat we later nog maar één keer vast komen te zitten, zeker omdat de routebeschrijving soms verwarrend is. Als we ook op de tweede dag geen teken van leven hebben ontdekt, is het des te opmerkelijker dat we opeens grote, groene bomen voor ons zien. Er blijkt hier een bron te zijn met zwavelhoudend water. Er is een betonnen bak gemaakt waar we even in badderen. Heerlijk!

We ontmoeten hier een alleenreizende Spanjaard: het eerste menselijke wezen in twee dagen. Hij is van plan de route in omgekeerde richting te rijden. Wij adviseren hem om daar nog eens goed over na te denken…

Langzamerhand verdwijnen de sterduinen tijdens onze tocht op de derde dag. Af en toe is er weer sprake van een pad en we zien grote sproei-installaties. De ronddraaiende sproeiers bevloeien stukken grond waar gras groeit. Daar wordt hooi van gemaakt. Voor de bemesting wordt kunstmest gebruikt. Het contrast, hier midden in de woestijn, is enorm.

En zo sluiten we drie dagen vol spanning en prachtige landschappen af. We rijden terug naar Salalah, waar het moderne leven weer gewoon verdergaat.

Duiken in Mirbat 

Nadat we in Salalah een leuke ontmoeting hadden met een stel Engelse overlanders, die we ook al in Lesotho hadden ontmoet, gaat de reis verder naar Mirbat. Hier ligt een mooie duiklocatie. Grietje gaat verder met haar opleiding en Cor gaat met een groep van zes op zoek naar de mooiste vissen. Naast de grote scholen gekleurde vissen is het meest indrukwekkende moment een enorme zeeschildpad van rond de 200 kilo.

Wandeling rondom sinkhole Tawi Atayr

In de provincie Dhofar bevinden zich een paar unieke zinkgaten. Deze enorme gaten in het landschap zijn ontstaan door afbraak van kalksteen in ondergrondse watergangen, gedurende vele tienduizenden jaren. Het “dak” dat daarbij ontstond is ingestort, en zo ontstaat er een groot gat in het aardoppervlak.

Wij bezoeken sinkhole Tawi Atayr. Halverwege de indrukwekkende rotswanden bevindt zich een grot, minstens zo indrukwekkend qua grootte. In alle vroegte maken we een wandeling naar de grot. Zo’n 3,5 kilometer heen en terug.

We spotten er een boompje waarvan we dachten dat het een mini-baobab zou zijn. Maar daar zaten we fout mee, het blijkt een woestijnroos te zijn. 

Kustweg

Als we langs de spectaculaire kustweg naar het oosten rijden, slaken we regelmatig een “oooohhh” en “aaaaahhh”, zo mooi is het hier! De kunst van wegenbouw kun je hier wel aan de Omani overlaten en de uitzichten zijn fenomenaal. Wat ons betreft past deze kustweg moeiteloos in het rijtje Great Ocean Road, Chapman’s Peak Drive en de Amalfikust. Met dit verschil dat er hier nauwelijks verkeer is en er weinig toeristen zijn.

Ontmoetingen

Omdat het vrijdag is, biddag, en de mensen dus vrij zijn, zie je hier en daar groepjes locals picknicken. Ze zetten hun auto op een mooie plek, spreiden wat kleden uit en laden hun auto uit, die propvol proviand zit. Meestal is er eentje met de meest eervolle taak: thee zetten, soms gecombineerd met Arabische koffie.

Zo ontmoeten wij vier mannen, bevriend en afkomstig uit de bergen nabij Salalah. Ze benadrukken anders te zijn dan de stedelingen uit Salalah. Je ziet het direct aan hun traditionele kleding. Het zijn boeren met koeien, kamelen en geiten. Als je vraagt wie het werk doet tijdens hun afwezigheid, worden steevast de Zuidoost-Aziatische arbeiders genoemd. Nee, zoals al eerder gezegd: de Omani houden niet zo van vieze handen.

Een van de mannen vertelt twee vrouwen te hebben en “bezig” te zijn met een derde. Bij zijn eerste vrouw heeft hij vier kinderen. We keuvelen lekker verder en worden volgepropt met thee, koffie en zoetigheden.

In eerste instantie sputteren ze wat tegen als we een foto willen maken. Maar later, als één van de mannen z’n hoofddoek heeft omgeslagen, mag er toch een foto worden gemaakt.

We nemen afscheid en krijgen nog melk en pakjes limonade mee voor onderweg.

Wadi Shuwaymiyah

We rijden door soms totaal verschillende landschappen richting Wadi Shuwaymiyah. Het ene moment is alles kaal en droog, het volgende duiken er ineens spectaculaire rotsformaties op. Het meest indrukwekkend zijn de geërodeerde rotswanden: de wind en andere invloeden hebben in het kalksteen de mooiste creaties uitgesleten.

Een twintig kilometer lange gravelroad slingert er dwars doorheen en eindigt bij de wadi. Of eigenlijk: bij twee wadi’s. Zo’n wadi is een opmerkelijk verschijnsel in deze droge omgeving. We zitten niet in de natste tijd, maar toch sijpelt er nog water langs de rotswanden. Dat laat z’n sporen na in de vorm van een soort druipsteen. En dan die palmbomen, die precies daar groeien waar ze het vocht kunnen meepakken… Het voelt bijna alsof je ineens in een verborgen oase bent beland. Een klein natuurwondertje.

Ras Madrakah

Op onze volgende stop bij Ras Madrakah hebben we, ondanks de vele troep op het strand lekker geslapen en was het heerlijk rustig.

In de verte op een topje zien we een vuurtoren staan. Dat lijkt ons een mooi doel voor een ochtendwandeling. Maar zoals ze vaak is de toren weer verder weg dan van te voren ingeschat. Bovendien moeten we behoorlijk klimmen en klauteren over soms los gesteente. Maar na enige twijfel, terug of doorgaan, bereiken we toch het doel. Met als beloning een prachtig uitzicht over de kust.

Sugar Dunes

Ten noorden van Duqm liggen de Sugar Dunes. Een plek die eigenlijk bijna onwerkelijk voelt. Deze woestijnduinen liggen namelijk direct aan de wilde kust, en dat maakt ze wereldwijd behoorlijk uniek. Het toerisme staat hier voorlopig nog in de kinderschoenen, dus je hebt het landschap bijna helemaal voor jezelf.

Het meest opvallend is natuurlijk de kleur van het zand: spierwit. Alsof iemand er een dikke laag poedersuiker overheen heeft gestrooid. En dan dat contrast… aan de ene kant de zachte duinen, aan de andere kant het helderblauwe, zoute zeewater.

We parkeren de camper gewoon aan de voet van een duin en klimmen zo omhoog. Boven wacht een uitzicht dat je niet snel vergeet. En daarna? Dan rennen we weer naar beneden en nemen we een verfrissende duik in zee. Zand tussen je tenen, zout op je huid en een leegte om je heen die bijna stil maakt. Dit is zo’n plek waar je alleen maar kunt denken: wauw.

Ons avontuur gaat verder in Oman (deel 2)