Reisperiode maart 2026
Monolieten
We volgen een woestijnroute van Pistenkuh. We hebben een omschrijving, maar die is alweer een paar jaartjes oud. We weten niet hoe de gesteldheid van de paden is, hoe snel we kunnen rijden, wat we tegenkomen en dus ook niet waar we vanavond overnachten. Het ultieme avontuurlijke overlanden dus.
De eerste kilometers gaan nog over goed asfalt, ware het niet dat de wind is opgestoken. Zo hard zelfs dat er sprake is van een zandstorm. Zicht soms minder dan 50 meter. We moeten goed opletten dat er geen onverwachte zandduinen zijn ontstaan.
Dan houdt het asfalt op, we brengen de bandenspanning omlaag en duiken het zand in voor de komende 132 kilometer. Gelukkig gaat de wind wat liggen en is het type ondergrond minder vatbaar voor stof.
We komen in een landschap vol met monolieten. We slingeren ons een weg tussen de enorme gesteenten door en genieten van ieder moment. Wat is het mooi hier!
We parkeren de camper aan de voet van een rots, onder een boom, uit de wind en eten er een broodje.
Bijzondere ontmoeting
Dan weer verder, terwijl we al snel, verscholen achter een rots, een auto zien staan. Het is alweer vele uren geleden dat we iemand zagen, dus we gaan even nieuwsgierig kijken.Het blijken drie lokale mannen die ons al toezwaaien. We worden uitgenodigd om met hen te lunchen. Dat slaan we af, we hebben immers net gegeten. Maar… er is geen ontkomen aan.
De mannen breken vandaag het vasten, in de wetenschap dat ze de dag na ramadan weer moeten inhalen. Volgens hen mag dat als je op reis bent. En dat zijn ze, vinden ze.
Een van de heren spreekt een beetje Engels en zo houden we het praatje levendig. Dan vertellen ze over hun hobby, schieten met een luchtbuks. De buks komt tevoorschijn en natuurlijk moeten wij ook even schieten op een leeg waterflesje.
We overnachten in een dal tussen de monolieten en acacia’s. De volgende dag starten we met de uitdaging om een monoliet te beklimmen. Helaas moeten we halverwege opgeven. Veel te steil!
Maar vanaf daar hebben we wel een prachtig uitzicht over de omgeving.
Saudi Vision 2030
Onderweg trekt een indrukwekkend zonnepark in aanbouw onze aandacht. Alles is groot in dit land, dus dit ook. Vele honderden kranen, shovels en kiepauto’s zijn bezig met de aanleg. Het project beslaat zo’n 5000 hectare, ongeveer 7000 voetbalvelden. Het park kan uiteindelijk zo’n tweehonderdduizend huishoudens van stroom voorzien.
Het project maakt deel uit van een groter nationaal programma, Saudi Vision 2030.
Binnen dit programma wil Saudi-Arabië zijn economie minder afhankelijk maken van olie. Het plan werd in 2016 gelanceerd door kroonprins Mohammed bin Salman. Er wordt niet alleen geïnvesteerd in duurzame energie, maar ook in enorme uitbreidingen van steden zoals Riyadh. Met nieuwe energieprojecten en stedelijke uitbreidingen probeert het land zich voor te bereiden op een toekomst met minder olie.
Wadi Lajab
We starten de dag met een rit richting Wadi Lajab. Het landschap waar we doorheen rijden associeer je niet meteen met Saudi Arabië. Grillige, rotsachtige bergen met hier en daar wat begroeiing. Een goed geasfalteerde weg slingert er prachtig tussendoor.
Bij het passeren van de dorpen bekruipt ons een onbehaaglijk gevoel. Het is zó stil op straat. We zien nauwelijks mensen en winkels zijn gesloten. Geen verkeer en ook de meeste tankstations zijn dicht. We denken even terug aan de COVID tijd. Maar hier is de oorzaak… ramadan.
Maar oké, Wadi Lajab maakt alles goed. Het is een prachtige canyon met hoge wanden, rotsen en kraakheldere poeltjes. Het heerlijk warme water gebruiken we als bad, terwijl kleine visjes zich met onze huidschilfers vermaken.
In Wadi Lajab ontmoeten we Iris en Stefan. Overlanders uit Zwitserland die al jaren onderweg zijn door Zuid Amerika, Afrika en nu het Midden Oosten. We drinken samen gezellig koffie, stiekem zodat niemand het ziet, terwijl de overlandverhalen over en weer gaan.
Mee-eten en bloemenkrans
We vinden een plekje voor de nacht, niet ver van de wadi.
Even verderop is een gelegenheid die wat op een restaurant lijkt. Als we erlangs lopen, worden we direct uitgenodigd om mee te eten. Er komen nog meer jonge mannen bij, die plaatsnemen in een lange rij op de grond. Voor ons is er een speciale plek in een ommuurde ruimte. Net als alle andere aanwezigen hoeven we niet te betalen.
Sommige mannen dragen een bloemenkrans op hun hoofd. Dit is een traditie die vooral voorkomt in het zuidwesten van Saudi-Arabië en in Noord-Jemen. De krans wordt gemaakt van jasmijn, basilicum of andere geurige bergplanten. We vragen of we met één van hen op de foto mogen. In eerste instantie zijn ze wat afwijzend, maar even later komen meerdere mannen naar de camper en doen we alsnog een fotosessie.
Honing
Gisteravond kregen we nog een uitnodiging om bij iemand honing te kopen. We rijden erheen en zien een hutje, afgedekt met kleden. We mochten toeteren, was ons verteld. En dus komt er een half slaapdronken man uit het bouwwerk, die ons de honing laat proeven. Heerlijk spul. Maar 25 euro voor een potje wordt ons net iets te veel.
Op naar Fayfa
De wegen door de bergen zijn fantastisch, met mooie uitzichten over het terrassenlandschap. Maar het is steil, zeer steil, zeker voor een doorgaande weg. In de laagste versnelling klimmen we gestaag naar 2100 meter, om later weer af te dalen.
De verbazing is groot als we tussen alle rust en gesloten panden opeens een kapper zien die open is. We laten ons allebei knippen. De verbazing wordt nog groter als er zomaar iemand binnenkomt, voor ons betaalt en weer verdwijnt.
Zoals gezegd, de route richting Fayfa is er één van extremen. De uitzichten over de terrassen zijn indrukwekkend, maar het is zo steil dat we een dikke pluim geven aan onze auto, die de 3600 kilo toch maar mooi de bergen door trekt.
Wandelen in Fayfa
Het wordt tijd om onze wandelspieren weer eens uit hun diepe slaap te halen.
We besluiten een wandeling door het berggebied rondom Fayfa te maken. Volgens de beschrijving zo’n 12 kilometer, met 400 meter stijgen en dalen. Appeltje-eitje dus.
De route loopt volledig over asfalt. Dat klinkt makkelijk, maar de klimmen zijn extreem steil.
Het is mooi om te zien hoe huizen tegen de steile bergen zijn gebouwd. Tussen de bebouwing liggen terrassen met koffieplanten.
De temperatuur stijgt snel en we raken vermoeid. Bijna iedere stap wordt een uitdaging. De warmte heeft ons te pakken.
In een totaal uitgestorven omgeving komt er toch een “bakkie” (Toyota Hilux) achter ons aan.
We houden de man staande en mogen meerijden. Zijn rijgedrag is nogal enthousiast. Met hoge snelheid scheuren we door de smalle straatjes. Na drie kilometer laten we ons met plezier weer afzetten en lopen we de laatste twee, weer op eigen kracht.
(Niet) naar de Farasan-eilanden
We rijden door naar Jizan, in het uiterste zuidwesten. Hier willen we de boot nemen naar de Farasan-eilanden. Een gratis ticket is snel geregeld en we kunnen direct door naar de haven om in te schepen. Wat een gelukje.
Toch niet dus. Er blijkt een hoogtebeperking te zijn en we zijn net een paar centimeter te hoog. We moeten onder een afdak door… en dat gaat niet. Achteruit is geen optie door de rij auto’s achter ons. Steeds meer toeschouwers verzamelen zich. De enige oplossing lijkt de bandenspanning te verlagen en een paar jongens aan de camper te laten hangen. Het blijkt nét genoeg om onder het poortje door te komen.
Maar een plek op de ferry levert het niet op. We worden doorgestuurd naar de vrachtferry, die morgenochtend om zes uur vertrekt. Dat is nog niet eens het grootste probleem… Grietje mag niet mee. Op de vrachtferry is slechts één bestuurder per voertuig toegestaan.
Grietje zou dan de passagiersferry moeten nemen, die pas om twaalf uur vertrekt.
We laten het plan varen.
Abha, suikerfeest
We besluiten om naar Abha te gaan, een stad op 2200 meter en 15 graden koeler dan de kust.
We regelen er wat praktische zaken, boodschappen, een nieuwe zonnebril, een shirt en slippers.
’s Ochtends horen we de moskee zoals we hem nog nooit hebben gehoord. Het is feest, Eid Mubarak, het Suikerfeest.
Rond half acht komt alles tot leven. Auto’s rijden af en aan, jongeren steken hier en daar wat licht vuurwerk af en iedereen is op z’n mooist gekleed. De uitgelaten sfeer doet ons denken aan koeien die na een lange winter weer voor het eerst naar buiten mogen.
We zien vanochtend meer kinderen dan tijdens de hele ramadanmaand. Op het grasveld naast het parkeerterrein waar wij staan, komen families samen om op een kleedje te eten. Soms met de hele familie, soms groepjes mannen en iets verderop groepjes vrouwen. We krijgen van verschillende mensen snoep en ander lekkers aangeboden. Er wordt volop gefotografeerd, iedereen is in opperbeste stemming.
En tussen al die gezelligheid gaan de Indiase straatvegers gewoon door met hun werk.
De rest van de dag is het relatief rustig. Wij doen wat noodzakelijke klusjes rondom de camper, tussen de buien door. Soms zelfs met hagel.
Extreem weer in de Sarawat Mountains
Stel je voor. In Saudi-Arabië.
Een stormachtige, vlagerige wind. Elf graden. Harde regen die diepe plassen en stromend water op de weg veroorzaakt. Ook nog eens dichte mist zoals we die nog nooit hebben gezien. Zicht minder dan tien meter, alsof je met je ogen dicht rijdt.
En dan hagel. De ijsballetjes verzamelen zich in het laagste deel van de op en neer gaande weg.
Dikke lagen modder op het asfalt, geen streep meer te zien. Losgekomen stenen. Zelfs een rotsblok op de weg.
En dan scheuren sommigen je voorbij, zonder enige vorm van verlichting, met snelheden waar Max Verstappen jaloers op zou zijn.
Dit zijn voor ons de ingrediënten van een helse rit door de Sarawat Mountains.
Overnachting bij schapenboer
Halverwege de middag, als we de bergen langzaam achter ons laten, stijgt de temperatuur razendsnel naar 25 graden.
We vinden een plekje in het stenige landschap, vlak bij een bedoeïentent. Hier zorgt een Pakistaan voor zo’n zeventig schapen. De kudde is eigendom van een Saudi die twintig kilometer verderop woont en als manager op een school werkt.
Zoals we inmiddels gewend zijn, is de Saudi razend enthousiast over onze komst en biedt hij ons een van zijn schapen aan. Met een handgebaar langs zijn keel wordt meteen duidelijk wat de bedoeling is.
We bedanken.
Wahbah-krater
Na een relaxte ochtend krijgen we halverwege de middag toch zin in wat afleiding. We maken een wandeling rondom de krater. Wauw, wat een prachtige creatie van de natuur.
De Wahbah-krater is een bijzondere. Dit type krater wordt een “maar” genoemd.
Hij is ontstaan doordat opstijgend magma in contact kwam met grondwater, waarna de opgebouwde druk in één klap vrijkwam. Hier dus geen lavastromen, maar een gigantische krater met een doorsnee van zo’n 2 kilometer en een diepte van ongeveer 250 meter.
Zouten en andere mineralen uit het gesteente hebben zich onderin verzameld en vormen een opvallend witte bodem.
Geitenboer
Met het radiootje aan cruisen we lekker door de vaak eindeloze lavavelden. Eerst nog veel kleine stenen, die later overgaan in echt ruwe lava. Je kunt de stromen er nog in zien, alsof de vulkanen pas geleden nog zijn uitgebarsten. Maar een blik op Google leert ons dat dat toch alweer zo’n 800 jaar geleden is.
Midden in het zwarte, ruwe gesteente duiken af en toe wat geitenhouders op. Het zijn erg rommelige hokken, opgebouwd uit de goedkoopste materialen. We stoppen voor een praatje en een foto bij één van de “boerderijen”. We spreken er een Sudanees, maar verder krijgen we niets uit de vriendelijke man.
Medina
Aanvankelijk hadden we ons niet zo verdiept in Medina. We kwamen vooral voor iets praktisch, een wasserette. Inmiddels hadden we twee zakken vol was en was er een tekort in de kledingkast ontstaan.
Medina is, na Mekka, de tweede heilige stad in de islam. Moslims worden geacht minimaal één keer in hun leven Mekka te bezoeken. Een moslim die nog meer hecht aan zijn religie gaat ook naar Medina, waar de profeet Mohammed is begraven.
Wat we zien vinden we ongekend. Midden in de stad staat een moskee met daaromheen enorme pleinen vol mensen. Tienduizenden. We lopen erdoorheen en zien dat de mensen werkelijk uit alle hoeken van de wereld komen. Als je goed oplet, kun je aan de kleding bijna raden uit welk land of welke regio ze komen. Zeer divers.
We spreken met een man afkomstig uit Pakistan die samen met zijn drie zussen dertig dagen in Mekka en Medina verblijft. Hij is achter in de veertig en heeft er lang voor gespaard om deze reis via een Pakistaanse touroperator te maken. Zijn reis moet een fortuin kosten, lijkt ons.
De commercie speelt er sowieso handig op in. Honderden hotels bevinden zich direct in de omgeving van het centrale plein. Vele winkels en eettentjes pikken een graantje mee van de in euforie verkerende moslims.
In de moskee en in een deel van het gebied eromheen zijn we als niet-moslims niet welkom. In het gebied waar we wel welkom zijn, hebben we genoeg kunnen zien om ons een paar uur te verwonderen.
Nachtje op het strand in Yanbu
Het mooi aangelegde strand wordt volop gebruikt door de plaatselijke bevolking. Zowel 's avonds, 's nachts als 's ochtends is onze verwondering weer groot.
Aanvankelijk dachten we dat het wat rustiger zou worden na de vierde gebedsoproep en het aansluitende avondeten. Maar al snel komt er weer een nieuwe lichting strandgangers aangescheurd. Jongeren die met gierende banden door de bocht gaan, soms met zeven of acht man in een auto, gooien achteloos hun lege plastic flesjes uit het raam.
De Zuidoost-Aziatische schoonmaker loopt nog een rondje over het strand om andermans zojuist weggegooide rotzooi op te ruimen.
Ondertussen zien we mannen in hun lange gewaden tot hun knieën in het water staan. Terwijl het water nog van hun kleding druipt, pakken ze hun kleedje om op hun knieën hun dagelijkse gebeden te verrichten.
Even verderop valt ons een meisje van een jaar of dertien à veertien op, strak gekleed in haar zwarte abaya, dat niet lijkt te mogen of te kunnen zwemmen. Ze kijkt toe hoe haar iets jongere broertje wel lekker in het water ligt te spartelen.
Een ander jongetje krijgt een flinke klap om zijn oren van zijn chagrijnige vader, omdat hij de claxon van de auto als een muziekinstrument gebruikt.
Kortom, de taferelen op het strand zijn vermakelijk en verwonderlijk, een soort georganiseerde chaos.
Het geluid van gierende banden en joelende jongeren gaat eigenlijk de hele nacht door. Toch wordt het even onderbroken als de wind aanhaalt tot stormkracht en de regen met bakken uit de lucht valt. Onze camper staat te schudden op zijn rubber. Onze slaap wordt er niet beter van.
Als het nog maar net licht is en het nog steeds hard waait, stromen er alweer nieuwe mensen naar het strand. Vriendengroepjes en families vouwen hun kleedjes uit waarop wordt ontbeten.
Ondertussen zijn er alweer veel dames druk bezig met het maken van selfies met de zee op de achtergrond. Je vraagt je af wat ze nu precies vastleggen. Met hun kledij zie je alleen de ogen en de schoenen. En alsof het lawaai van rondscheurende auto’s nog niet voldoende is, crossen jetski’s ’s ochtends vroeg al over het water.
Maar denk niet dat wij het leven hier niet leuk vinden, wij verwonderen ons. Bovendien worden we steeds vriendelijk aangesproken… where are you from… what is your name… nice car…
Regelmatig wordt ons eten en drinken aangeboden, dat blijft bijzonder!
Duiken in Yanbu
Overdag gaan we duiken. Het waait nog steeds hard, maar onder water hebben we daar geen last van. We gaan vanaf de kant het water in en zien veel prachtige vissen tussen het koraal.
Het hoogtepunt is een scheepswrak dat hier op zo’n dertien meter diepte ligt. Prachtig om te zien wat voor onderwaterleven zich rondom zo’n wrak vormt.
En als we later ook nog een zeeschildpad zien, is de duik zeker geslaagd.
De woestijn weer in
Zoals wel vaker is vandaag de reis belangrijker dan de bestemming. We hebben een route uitgezocht die uiteindelijk zal leiden naar het begin van een Pistenkuh-track.
En dus is het een andere mindset…we zien wel hoe ver we komen en we stoppen zo vaak we willen. Time is no issue!
We rijden vooral over bijna verlaten, maar zeer goede asfaltwegen. Aanvankelijk slingert de weg tussen grillige bergen door, daarna gaat het weer over oneindige, steppeachtige landschappen.
Sporadisch passeren we een tegenligger en diep in de verte zien we bedoeïenententen of een kudde kamelen of geiten.
We genieten maximaal, lunchen op een prachtige plek en stoppen regelmatig voor een foto.
Tegen het eind van de middag bereiken we het begin van de route die we morgen willen rijden. We parkeren de camper naast een “juweel uit de woestijn”, zoals het Pistenkuh-boekje vermeldt. Rondom ons is niets anders dan natuur, zand, steen en hier en daar een bijzonder gevormde rots.
Verder naar Saudi Arabië, deel 3